De Denkwijzer

Handige tool ter bevordering van praktische wijsheid in het sociale domein

Je bent een professional in het sociale domein en hebt daarmee per definitie te maken met complexe situaties. Complex omdat het werk vaak een veelvoud aan factoren kent en onmiskenbaar over situaties gaat die vooral een ander betreffen. In tegenstelling tot professionals in andere domeinen, zijn sociaal werkers vaak aangewezen op zichzelf als middel. Een timmerman, monteur of specialist heeft vaak een gereedschapskist tot zijn of haar beschikking. In het sociale domein wordt wel eens gezegd dat je als professional zelf ‘het gereedschap’ bent. En dit vergt, evenals handgereedschap, onderhoud. Van jou wordt immers ‘state of the art’ verwacht als het gaat om mededogen en medemenselijkheid. Dit vraagt erom dat je je bewust blijft 1) van je eigen handelen, 2) van de invloed daarvan op de ander en 3) van de invloed van de ander op jou. Dit bewustzijn vergt tijd en aandacht.

 

Stilstaan bij het denken

 

en handelen dat verschillende dimensies (richtingen) kent. Wij zijn ervan overtuigd dat

het zinvol is om hier zorgvuldig mee om te gaan door bewust een vertrekpunt en

(denk)richting te kiezen en daar ook op te focussen. We beschrijven waarom wij denken

dat (laagdrempelige) reflectie in deze tijden van hectiek, schaarste en wachtlijsten

bijdraagt aan jouw dagelijkse werk. Daarnaast zullen we ingaan op de meerwaarde van

de Denkwijzer ten opzichte van al bestaande methoden (intervisie, supervisie, moreel

beraad, etc.). En tot slot zullen we de Denkwijzer als middel presenteren en concluderen

dat het bijdraagt aan de ondersteuning en professionalisering van de dagelijkse,

weerbarstige praktijk van de professionals in het sociale domein omdat het 1) een

handzaam instrument is, 2) snel inzichten biedt middels kortdurende en

gestructureerde vertraging, 3) samen, maar ook alleen te gebruiken is, 4) voorziet in een

concreet handelingsperspectief 5) handig en leuk is om te gebruiken.

1 &jeugd en Het Juiste Midden. Samen bieden zij een (korte) ondersteunende training voor gespreksleider die de Denkwijzer willen

gebruiken. Zie voor meer informatie: www.enjeugd.nl en www.hetjuistemidden.nl2. Het noodzakelijkheids-karakter van reflectie

“Het is belangrijk dat de professionele hulpverlener zich terdege bewust is van zijn/haar

visie en deze gestalte probeert te geven. De hulpverlener moet regelmatig reflecteren op

het eigen handelen en het welbevinden van de cliënt. Visie, attitude en kritische zelfreflectie

vormen een drieluik dat samen te vatten is in de term respectvolle bejegening. De moderne

hulpverlener probeert betutteling te voorkomen en stelt zich vragend op. Hij/zij verplaatst

zich in de belevingswereld van de cliënt en is terughoudend met eigen normen en waarden”

(Sparreboom, 2008).

Van jou als professional wordt dus verwacht dat je nadenkt over je eigen handelen. Dat

je enerzijds stilstaat bij de invloed van jouw handelen op de ander, anderzijds bewust

bent van het effect van het handelen van de ander op jou. Een bijzondere vorm van

nadenken is reflecteren. Dit is een vorm van leren die gericht is op het verkrijgen van

kennis die niet slechts voorkomt uit technisch instrumentele bronnen (theoretische en

wetenschappelijke kennis), maar veeleer betrekking heeft op praktijk- of

ervaringskennis. Het is kennis die op geen enkele andere manier te verkrijgen is

(Steenmeijer, 2022) . Omdat we ons binnen het sociale domein bezighouden met de

privésfeer van (relatief) autonome mensen, mag worden verwacht dat we binnen dit

contact rekenschap afleggen en dat we onze bemoeienissen kunnen verantwoorden. En

dit vraagt erom dat we stilstaan bij ons handelen en twijfels bespreekbaar durven te

maken. Zeker wanneer je merkt dat twijfels leiden tot handelingsverlegenheid, hetgeen

een effectief optreden van de professional belemmert en uiteindelijk ten koste gaat van goede

hulpverlening aan de doelgroep, de cliënt of het cliëntsysteem (Slump, 2011). Met andere

woorden, dat je aarzelt om te handelen terwijl dit eigenlijk wel zou moeten. En dat is precies

het startpunt van de Denkwijzer; Twijfel.

3. Structureren van het denken

Omdat we ons ‘met nogal wat’ bemoeien en veelal ook inzet en verandering van de

ander verwachten, is het van belang dat we zorgvuldig en professioneel te werk gaan. En

zorgvuldig en professioneel werken, betekent onder andere dat we ons handelen

kunnen uitleggen. Aan zowel onszelf als aan de ander. Doorgaans verwijs je dan naar

drie dimensies, namelijk:

‘Zo moet het!’

Je beroept je op technische, theoretische kennis zoals regelgeving, richtlijnen en

wetenschappelijk inzichten (technisch instrumentele dimensie). Bijvoorbeeld: Wat zijn de

regels, kaders en richtlijnen? En – wanneer vanuit het perspectief/belang van de ander

wordt gedacht – hoe pas ik deze kennis doeltreffend toe (efficiënt/effectief)?

‘Zo hoort het!’

Je verwijst naar waarden en normen passend bij het beroep en/of bij jou als persoon

(normatieve dimensie). Bijvoorbeeld: Welke waarden wegen voor mij het zwaarst? En –

wanneer moet het perspectief/belang van de ander worden meegewogen– hoe verhoudt

de praktische uitwerking ervan (normen) zich tot de waarden en normen van de ander?

Want laten we eerlijk zijn, ‘hoe het hoort’ bepalen we toch ook vooral samen?

‘Zo voelt het!’Je brengt persoonlijke, veelal gevoelsmatige ervaringen in/mee (psychologische

dimensie). Dit gaat dus over zaken die betrekking hebben op jouw eigen gevoelsleven.

Bijvoorbeeld: welk gevoel brengt een bepaalde situatie of een bepaald contact met zich

mee? En – wanneer vanuit het perspectief/belang van de ander wordt gedacht – hoe

werkt dit door in het contact met de ander? Is er bijvoorbeeld sprake van

tegenoverdracht waarbij je jouw handelen onbewust laat leiden door eigen, veelal oude,

patronen en gevoelens.

In de literatuur en ook in de beroepscode voor professionals in sociaal werk, wordt de

derde dimensie vaak aangeduid als de persoonlijke dimensie. We willen hierin een

nuance aanbrengen; en onderbouwen waarom de psychologische dimensie een

nadrukkelijke plek dient te krijgen. Allereerst omdat we denken dat alle dimensies een

persoonlijke essentie hebben. Immers, er is geen kader of richtlijn die voorschrijft hoe

dit toegepast moet worden. Dit doet de professional zelf als persoon gegeven de unieke

situatie en de van belang zijnde omstandigheden. Wet- en regelgeving biedt idealiter de

professional vaak ruimte om eigen afwegingen te maken of zelf invulling te geven aan

open begrippen, zoals het belang van het kind. Ten tweede, emoties en gedachten zijn

bepalend in het contact met de ander. Contact appelleert doorgaans aan (eigen)

ervaringen uit het verleden. Ervaringen uit het verleden zijn vaak bepalend voor

gedachten en emoties in het hier en nu. Je hier bewust van blijven ondersteunt een

professionele beroepsuitoefening. En als laatste hebben emoties een belangrijke

signaalwaarde voor onderliggende moraliteit. Bijvoorbeeld wanneer het je irriteert als

je steeds in de rede gevallen wordt (respect, gelijkwaardigheid), je teleurgesteld bent

wanneer een collega zich steeds niet aan de afspraken houdt (betrouwbaarheid,

samenwerking) of je angstig wordt wanneer jouw naam op socials wordt besmeurd

(veiligheid, bescherming). Juist de verkenning van de onderliggende moraliteit en

‘botsende waarden’ leidt vaak tot een goed gesprek en wederzijds contact. Dit omdat het

perspectief van de ander al ‘meegedacht’ is, maar vaak onvoldoende getoetst. Het gevoel

of de morele verontwaardiging komt voort uit ‘ik vind zus en jij vindt zo’. En wat

verstaan we eigenlijk onder begrippen zoals veiligheid en betrouwbaarheid? En waarom

leiden deze waarden niet automatisch tot gemeenschappelijke normen?

Het moge duidelijk zijn dat bij het nadenken over onze professionaliteit de verschillende

dimensies altijd alle drie aanwezig zijn. Maar de praktijk leert ook dat niet altijd

duidelijk is hoe de verschillende dimensies elkaar beïnvloeden of versterken.

Bijvoorbeeld wanneer je niet achter bepaald beleid staat en het toch met tegenzin

uitvoert. Wat zegt dit over het beleid, over je eigen waarden en normen en over het

gevoel dat je erbij hebt? En hoe werkt dit door in het contact met de ander en in de

doeltreffendheid van jouw handelen? De Denkwijzer beoogt deze dimensies als

‘denkrichtingen’ te structureren, door ze los van elkaar een plek te geven tijdens

reflectiemomenten. Hierdoor ontstaat er een zekere afstand tot de ervaring en kunnen

er door (gezamenlijke) beschouwingen verbanden worden gelegd. Dit leidt tot inzicht en

vergroot uiteindelijk de effectiviteit van jouw handelen.

Hierover is nog veel meer te zeggen en in de Denkwijzer vindt je per dimensie ook nog

meer voorbeeldvragen. We vinden het van belang dat uit bovenstaande in elk geval twee

essenties worden gehaald, namelijk: dat in het denken verschillende dimensies worden

herkend en dat ook altijd ‘vanuit een ander’ wordt gedacht (perspectief

verbreding). Daarmee, of beter gezegd daardoor ontstaat ruimte voor dialoog. DeDenkwijzer is bedoeld om een dialoog op gang te brengen. Bij een dialoog staat het

uitwisselen van gedachten, ideeën en gevoelens centraal. Een goede dialoog start met

goed luisteren naar elkaar. Van belang is dat je nieuwsgierig bent naar elkaar en

interesse toont in elkaar. Een dialoog kent, anders dan een debat, geen winnaar. Je zoekt

samen naar nieuwe mogelijkheden en wilt de ander niet overtuigen maar begrijpen

(bron: Esther Perel).

We zijn ons er daarbij van bewust dat er veel verschillende vormen zijn om te komen tot

het goede gesprek. We zullen daarom zeker stilstaan bij de vraag waarom dit een

aanvulling is op het bestaande aanbod van reflectiemethoden.

4. Meerwaarde Denkwijzer

We zijn met elkaar op zoek gegaan naar een manier om reflecteren leuk en

laagdrempelig te maken. Intervisiebijeenkomsten zijn namelijk niet altijd een succes en

het blijkt ingewikkeld te zijn om in de bijeenkomsten voldoende tijd aan reflectie te

besteden. Het voelt vaak als een verplicht moment, wordt gauw ervaren als

‘koffiepraatje’ of de gebruikte methodes bevatten te veel maar weinig intuïtieve stappen.

We hebben daarnaast goede ervaringen met het moreel beraad en realiseren ons

tegelijkertijd dat dit afhankelijk is van een ervaren gespreksleider. Daarbij horen we

bovendien van professionals dat het wordt ervaren als tijdrovend en niet altijd

voldoende gericht op een concreet handelingsperspectief. Hierop ontstond het idee van

een ‘moreel beraad-light’ met aandacht voor het scheiden van de drie denkrichtingen en

minder afhankelijk van tijd en een ervaren gespreksleider.

De Denkwijzer is een handzaam en compact middel geworden. Het ondersteunt een

manier van spreken met elkaar, zonder dat hier een ingewikkelde methode aan ten

grondslag ligt. Het helpt je een aantal, zoals hierboven beschreven, vragen te

beantwoorden. En dit ondersteunt jouw professionele handelen en de wijze waarop je

dit handelen kunt verantwoorden naar anderen. Het biedt jou inzichten door vertraging

in te bouwen zonder dat hiermee veel tijd gemoeid gaat. Inzichten die voortkomen uit

een continu proces van nadenken, oftewel het ondersteunt jou in je rol als reflectieve

professional. We menen dat wij door het bieden van een korte instructie aan de

voorzitter van een overleg, gespreks-of procesbegeleiders eenvoudig diepgang kunnen

bieden aan reflectiemomenten. Of het nu intervisie of collegiale ondersteuning betreft.

Allereerst ondersteunt het dus ‘het goede gesprek’ wat doorgaans een gezamenlijke

aangelegenheid is. Daarnaast prikkelt het de verbeelding en stimuleert het ook jezelf

bevragen als individueel proces. Simpelweg door de Denkwijzer op je werkplek of je

bureau te zetten. Het structureren van de denkrichtingen en de uitnodiging hierbij stil

te staan, brengt zowel vertraging als verdieping voordat je komt tot een concreet

handelingsperspectief. Het voorziet in professionele afwegingen alsmede het inzicht

daarin voor zowel jezelf als de ander.

5. Conclusie

We hebben de aandacht gelegd bij de bijzondere positie en het vakmanschap van de

professional in het sociale domein. Dat het – gezien de complexiteit van het werk –

noodzakelijk is om aan ‘onderhoud’ te doen. Een wezenlijk onderdeel van dit onderhoudis het kritisch blijven nadenken over het werk, het eigen handelen en de effecten

daarvan op anderen. We hebben daarom uitgelegd dat het van belang is om te

reflecteren en beschreven wat ons drijft bij de ondersteuning van professionals. We

erkennen namelijk de noodzaak van reflectie en zijn ons er tegelijkertijd van bewust dat

reflectie soms wordt ervaren als een zware en tijdrovende activiteit. En dat is precies de

reden dat we komen met een laagdrempelige manier om deze specifieke wijze van

nadenken te stimuleren. De Denkwijzer 'wijst de weg’ door het denken te structureren

langs de drie beschreven richtingen. Namelijk technisch-instrumenteel, ethisch en

psychologisch. We hebben beschreven wat de verschillende niveaus betekenen en aan

de hand van voorbeelden laten zien hoe het perspectief van de ander hierin moet

worden meegedacht. We hebben tot slot beschreven dat de Denkwijzer een handzaam

instrument is en snel inzichten biedt middels kortdurende en gestructureerde

vertraging. Veelal in gezamenlijk reflectiemomenten zoals intervisie, maar de

Denkwijzer stimuleert ook het eigen denken als individuele aangelegenheid. Het

voorziet in een concreet handelingsperspectief, wanneer de stappen worden gevolgd.

Je leert door terug te blikken en vooruit te kijken. Door met je collega’s het goede

gesprek te voeren krijg je inzicht in je eigen overtuigingen en professionele standaarden.

De Denkwijzer stimuleert je blijvend bewust te zijn van je handelen en de motieven die

voor jou belangrijk